Samenvatting Fysische diagnostiek Afbeelding van boekomslag

Samenvatting Fysische Diagnostiek

ISBN-13 9789036808927
452 Flashcards en notities
Scroll naar beneden om een preview van de PDF te bekijken!
  • Deze + 400k samenvattingen
  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo

Een onderdeeltje van de samenvatting - Fysische diagnostiek ISBN: 9789036808927

  • 1 Belangrijke punten uit het hele boek (lerende stof)

    Dit is een preview. Er zijn 36 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1
    Laat hier meer flashcards zien

  • Wat is het verschil tussen inspiratoire en experitoire piep/geluid?

    Inspiratoire piep-geluid = bovenste luchtwegen
    Experitoire piep/geluid = lage luchtwegen (in de longen)


    Dit wijst sterk op een obstructieve longaandoening. Meer dan de helft van de mensen met astma heeft op een bepaald moment last van piepen, maar een piepende ademhaling is niet erg specifiek en komt ook voor bij mensen met een longontsteking, COPD en hartfalen
    Een verlengd inspirium wijst vooral op een obstructie in de trachea of larynx. Dit gaat gepaard met een gierend geluid (inspiratoire stridor) en is meestal zonder stethoscoop al hoorbaar.
  • 3.7.1 Anatomie en pathofysiologie van de lymfeklieren

    Dit is een preview. Er zijn 1 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 3.7.1
    Laat hier meer flashcards zien

    1. Hoeveel lymfeklieren heeft een volwassene?
    2. Op welke 5 locaties bevinden zich deze  lymfeklieren?
    3. Van welk systeem maakt lymfeklieren deel van?
    1. Een volwassene heeft zo'n 450-600 lymfeklieren.
    2. Ruim 100 op uitwendig palpabele plekken: 30 in de oksel, 20 in het been en 60-70 in hoofd en nek.  Diep in de thorax en het abdomen.
    3. Het lymforeticulaire systeem.
    1. Waar komen lymfebanen voor in het lichaam?
    2. Waar in het lichaam bevinden zich geen lymfebanen?
    1. Lymfebanen komen overal in het lichaam voor.
    2. Lymfebanen komen niet voor in het centraal zenuwstelsel.
    1. Tot wat ontwikkelt de Lymfecapillairen?
    2. Waar monden de lymfevaten zich uit?

     
    1. De lymfecapillairen anastomoseren en vloeien samen tot grotere lymfevaten die verlopen in de buurt van de bloedvaten.
    2. De lymfevaten monden links uit in de ductus thoracicus en rechts uit in de hoek tussen de vv.  subclivia en de  vv. Jugularis International onder de clavicula. 
    1. Welke functie heeft de lymfeklieren?
    2. Waar maakt de lymfeklieren deel uit?
    3. Wat is de functie van het lymfoide weefsel?
    4. Wat gebeurt er met de lymfeklieren als ze trachten de structuren te vernietigen?
    5. Wat gebeurt er als de oppervlakkige gelegen lymfeklieren zich vergroten en verharden? Wat is de medische term voor deze benaming.
    1. De lymfeklieren vormen de filter- en reinigingsstations, die reactief veranderen als ze worden gestimuleerd door microbiële agentia, celdebris of niet lichaamseigen materiaal dat binnendringt in wonden of in de  circulatie. Ze houden grotere structuren in de lymfe  vast zoals grote eiwitmoleculen, microben en cellen.
    2. Ze maken deel uit vh immuunsysteem.
    3. Het lymfoide weefsel maakt B- en T- lymfocyten, monocyten
    en antistoffen en kan zo reageren om deze structuren te vernietigen.    

    4.  De lymfeklieren kunnen tijdens dit proces vergroten en verharden.
    5. De lymfeklieren worden palpabel. Dit wordt lymfadenopathie genoemd.
    1. Welke drie groepen lymfeklieren bestaan er?
    2. Waar bevinden hun drainagegebied? 
    3. Uit welke 2 groepen bestaat de Inguinale lymfeklieren?
    De homolaterale: arm, mamma en borstkaswand. Draineren op de okselklieren.


    Inguinale lymfeklieren: zijn er  in twee groepen:  
    Groep 1:
    de proximale, horizontale groep in de liesplooi, waar de externe genitalia, het perineum en de voorzijde van de onderbuik op draineren. 

    Groep 2: De verticale, lagere groep bij het hoogste punt van de saphena magna, waar in het been op draineert.

    Hoofdhalsgebied:
    De belangrijkste  lymfeklieren  in het hoofd-halsgebied liggen: submentaal, submandibulair, pre  auriculair, retro auriculair, aan de weerszijden vd  m.sternocleidomastoideus, supraclaviculair, infra claviculair en occipitaal.
  • 3.7.2 Klinische betekenis van lymfeklieren

    Dit is een preview. Er zijn 2 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 3.7.2
    Laat hier meer flashcards zien

  • Wat zijn de kenmerken van een palpabele normale actieve lymfeklier?
    Een kleine spoelvormige, elastische zwelling die glad, goed afgrensbaar en beweeglijk is t.o.v de omgeving.
  • Wat is de locatie van atheroomcysten en zweetklieren?
    Deze zitten aan de huid vast.
  • Wat zijn de kenmerken van lipomen?
    Meestal week en groter. Of zwellingen van nabijgelegen organen en structuren ( vooral in de hals).
  • Op welke locatie moet worden gezocht naar een oorzaak bij lymfekliervergroting?
    In het drainagegebied. Als daar geen verklaring kan worden gevonden, moet gekeken worden of er in andere lymfklierstations ook lymfeklierzwellingen zijn en moet  naar systemische oorzaken worden gezocht.

Om verder te lezen, klik hier:

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting +380.000 andere samenvattingen Een unieke studietool Een oefentool voor deze samenvatting Studiecoaching met filmpjes
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart