Samenvatting Insolventierecht Afbeelding van boekomslag

Samenvatting Insolventierecht

- N J Polak, et al
ISBN-10 9013085814 ISBN-13 9789013085815
513 Flashcards en notities
Scroll naar beneden om een preview van de PFD te bekijken!
  • Deze samenvatting
  • +380.000 andere samenvattingen
  • Een unieke studietool
  • Een oefentool voor deze samenvatting
  • Studiecoaching met filmpjes
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo

Een onderdeeltje van de samenvatting - Insolventierecht Auteur: N J Polak M Pannevis ISBN: 9789013085815

  • 1 Inleiding

  • 1.1 Insolventie

  • Wat kan elke schuldeiser doen om zijn vordering op te eisen?
    Uitgangspunt recht: elke schuldeiser kan zich verhalen op alle goederen van zijn schuldenaar, art. 3:276 BW, en dat alle schuldeisers bij verhaal onderling een gelijke rang hebben, behoudens de door de wet erkende redenen van voorrang, art. 3;277 BW. Vormen van voorrang, art. 3:278 BW: pand, hypotheek en voorrecht en uit de andere in de wet aangegeven gronden.
  • 1.2 Insolventieprocedures

  • Welke drie faillissementsprocedures kennen we en wat is hun respectievelijke beginartikel de Faillissementswet?
    1. Het faillissement (art. 1 Fw)
    2. Surseance van betaling (art. 214 Fw)
    3. Schuldsanering natuurlijke personen (art. 284 Fw)
  • Wat staat centraal bij het collectieve verhaal door een onafhankelijke buitenstaander ten behoeve van alle schuldeisers?
    De gelijkheid van alle schuldeisers
  • Wat is het concursus creditorum en het paritas creditorum?
    Het concursus creditorum is het gezamenlijk optreden ten behoeve van alle schuldeisers. Met het paritas creditorum wordt de gelijkheid van schuldeisers bedoeld. Schuldeisers met gelijke rang worden gelijk behandeld.
  • Wat is kenmerkend voor iedere insolventieprocedure?
    Ze worden geopend als de schuldenaar niet meer kan voldoen aan zijn opeisbare verplichtingen, als hij onvoldoende liquide is geworden.
  • 1.3 Schuldeisers

  • Wie is schuldeiser in de zin van de Faillissementswet?
    Degene die op de dag waarop de insolventieprocedure wordt geopend een geldvordering heeft op de schuldenaar, of een andere vordering die kan worden omgezet in een geldvordering.
  • 1.4 Rangorde

  • Wat is de rangorde bij de insolventieprocedure met betrekking tot betaling?
    1. Boedelvorderingen
      Kosten van de afhandeling van de insolventie
    2. Preferente vorderingen
    3. Concurrente vorderingen
  • 1.6 Het vermogen; niet de persoon

  • Wat volgt er uit het feit dat de insolventieprocedure betrekking heeft op het vermogen, en niet op de persoon?
    Dat de schuldenaar bekwaam blijft rechtshandelingen te verrichten. Nakoming van vorderingen die de schuldenaar is aangegaan na de dag waarop de insolventieprocedure is gestart, vallen niet onder diezelfde procedure (fixatiebeginsel).
  • 1.7 Openbare orde; dwingend recht

  • Wat is de overeenkomst en het verschil tussen openbare orde en dwingend recht?
    Van beide kan (bijna) nooit worden afgeweken, maar bepalingen van openbare orde dient de rechter ambtshalve te toetsen.
  • 2 Faillissement in het algemeen

  • 2.1 Faillissementsbeslag

  • Kan een schuldenaar in de insolventieprocedure beslagen goederen vervreemden?
    In beginsel wel. Het faillissementsbeslag blijft echter rusten op het goed en de curator kan derhalve dit goed ten bate van de boedel terugvorderen en te gelde maken.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.