Studiemateriaal generieke omslagafbeelding

Samenvatting Powerpoints En Bijeenkomsten Spierfysiologie

597 Flashcards en notities
Scroll naar beneden om een preview van de PDF te bekijken!
  • Deze + 400k samenvattingen
  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo

Een onderdeeltje van de samenvatting - Powerpoints en bijeenkomsten spierfysiologie

  • 1 Bouw en functie skeletspieren

  • 1.1 Powerpoint

    Dit is een preview. Er zijn 33 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1
    Laat hier meer flashcards zien

  • Welke drie relaties spelen een belangrijke rol in spierfysiologisch onderzoek?
    1. Hoek-momentrelatie
    2. Stimulatiefrequentie-momentrelatie
    3. Moment-snelheidsrelatie


    Moment kan ook als kracht worden gezien dus:
    1. Hoek-krachtrelatie
    2. Stimulatiefrequentie-krachtrelatie
    3. Kracht-snelheidrelatie
  • Op welke punten verschillen spiercellen van andere cellen?
    • Spiercellen (vezels) zijn veel groter: vele cm lang.
    • Ze bevatten een paar honderd kernen per mm!
    • In de spiercellen zit naast het ER ook SR: sarcoplasmatisch reticulum.
    • Het cytosol van spiercellen is voor 80% opgevuld met de contractiele eiwitten actine en myosine.
    • Spiercellen bevatten speciale stamcellen (satellietcellen).
  • Hoeveel procent van het totaal aantal kernen zijn satellietcellen?
    1-5%
  • Een spiervezel is opgebouwd uit ongeveer (1) parallelle (2) met daartussen mitochondriën. 
    Elk (3) is weer opgebouwd uit (4) actine- en myosinefilamenten.
    1. 2000
    2. myofibrillen
    3. myofibril
    4. 100-400
  • Hoe start een contractie?
    Een contractie start doordat Ca2+ bindt aan TnC, waardoor tropomyosine wat verschuift en de bindingsplaatsen (hier niet zichtbaar) voor mysosine op het actine beschikbaar komen.
  • Waar komen actine filamenten van 2 (halve) sarcomeren bij elkaar?
    In de Z-lijn.
  • Wat is titine, waar bevinden ze zich en wat is de functie?
    Titine is het grootste eiwit in het menselijk lichaam (ongeveer 1.5 μm: het overspant nl. een half sarcomeer). In Z- en M-lijnen zitten titinemoleculen stevig aan elkaar verankerd: ze vormen zo elastische verbindingen over de hele lengte van de spiervezels.
  • Wat is myomesine, waar verbonden en wat is de functie?
    Myomesine is één van de eiwitten die er voor zorgen dat myosinefilamenten onderling stevig (doch elastisch) zijn verbonden in de M-lijnen: de verschillende vezeltypen hebben andere isovormen van dit eiwit.
  • Wat is de functie van desmine?
    Desmine verbindt Z-lijnen van aangrenzende (parallelle) sarcomeren (van de omliggende myofibrillen) met elkaar.
    Desmine (groen) is een eiwit dat de Z-lijnen van sarcomeren onderling met elkaar verbindt, waardoor de myofibrillen binnen 1 spiervezel als één geheel functioneren.
  • Wat is de functie van dystrofine? Wat veroorzaakt een tekort aan dystrofine?
    Dit eiwit geeft de spieren veerkracht en stevigheid. Zonder dystrofine beschadigen de spiercellen en sterven ze op den duur af. Ze verdwijnen en er komt bindweefsel voor in de plaats. 

    Een fout in het dystrofine-gen op het X-chromosoom veroorzaakt een tekort.

Om verder te lezen, klik hier:

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting +380.000 andere samenvattingen Een unieke studietool Een oefentool voor deze samenvatting Studiecoaching met filmpjes
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart