Samenvatting Voeding en sport een handboek voor trainers, begeleiders en (top)sporters Afbeelding van boekomslag

Samenvatting Voeding en sport een handboek voor trainers, begeleiders en (top)sporters

- Anja van Geel, et al
ISBN-10 9021563169 ISBN-13 9789021563169
330 Flashcards en notities
Scroll naar beneden om een preview van de PFD te bekijken!
  • Deze samenvatting
  • +380.000 andere samenvattingen
  • Een unieke studietool
  • Een oefentool voor deze samenvatting
  • Studiecoaching met filmpjes
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo

Een onderdeeltje van de samenvatting - Voeding en sport een handboek voor trainers, begeleiders en (top)sporters Auteur: Anja van Geel Joris Hermans ISBN: 9789021563169

  • 1 Voeding en inspanning

  • 1.1 Energiebalans

  • Wanneer is er sprake van een adequate energiebalans?
    Als het gewicht en het percentage vetweefsel van het lichaam goed zijn én stabiel blijven.
  • Wanneer spreken we van een positieve energiebalans?
    Wanneer er met de voeding meer energie (kcal) wordt opgenomen dan er wordt verbruikt. Het overschot aan energie wordt dan vooral opgeslagen in de vorm van lichaamsvet.
  • 1.2 Energieverbruik

  • Welke stof levert direct energie voor de spiercontractie?
    Adenosinetrifosfaat (ATP)
  • Waarmee kan het lichaam de ATP aanvullen?
    • Creatinefosfaat: deze stof is van nature aanwezig in de spier. Ook hier hebben we maar een kleine voorraad van, na 8 tot 12 seconden zware inspanning is de voorraad op.
    • Omzetten van koolhydraten naar glucose en glycogeen Bij deze processen komt ATP vrij, dat dan weer gebruikt kan worden voor spiercontractie.
    • Het omzetten van vetten
    • Onder bepaalde omstandigheden uit eiwitten
  • Op welke twee manieren kan ATP vrijgemaakt worden uit creatinefosfaat, koolhydraten, vetten en eiwitten?
    Met en zonder het gebruik van zuurstof
  • Welke stoffen moeten aeroob omgezet worden, dus met zuurstof, om ATP vrij te maken?
    Uit vetten, koolhydraten en eiwitten kan via aerobe weg ATP worden vrijgemaakt.
  • In welke twee componenten maken we onderscheid bij de schatting van het energieverbruik en dus de benodigde hoeveelheid energie?
    • de energie die benodigd is voor de dagelijkse activiteiten exclusief sportactiviteiten, bestaande uit de basaalstofwisseling vermenigvuldigd met een PAL-waarde
    • de energie die benodigd is voor de sportactiviteiten
  • Uit welke stappen bestaat de berekening van de benodigde hoeveelheid energie?
    1. Bepaal de basaalstofwisseing met tabel 2
    2. bepaal de PAL-waarde met tabel 3
    3. bepaal het energieverbruik over 24 uur: vermenigvuldig de uitkomsten uit stap 1 en 2
    4. bepaal het energieverbruik voor de sportactiviteit met tabel 4
    5. corrigeer de uitkomst van stap 3 voor de tijdsduur van de sportactiviteit. Deze correctie moet plaatsvinden, omdat er anders te veel uren worden berekend
    6. tel de uitkomsten van stap 4 en 5 bij elkaar op
  • 1.3 Voeding als energie

  • Welke voedingsstoffen leveren energie?
    Koolhydraten, eiwitten, vetten en alcohol
  • 1.3.1 Koolhydraten en vetten

  • Waarom krijgen de koolhydraten als brandstof de voorkeur boven vet?
    • Omdat de energieleverantie per seconde hoger is dan wanneer de vetten als brandstof wordt gebruikt.
    • Er is 10% meer zuurstof nodig om dezelfde hoeveelheid energie uit vet te produceren dan uit koolhydraat. Het lichaam heeft zijn limieten met betrekking tot het verhogen van de zuurstofopname
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.